Is schansspringen gevaarlijk voor de gezondheid?

vrijdag 02 januari 2009

Sven HannawaldHet was een foto van de Duitse schansspringer Sven Hannawald die in 1999 de wereld verbijsterde. Het beeld toonde een uitgemergelde jongeman in zwembroek. Waren de successen van Hannawald toe te schrijven aan een ongezond laag gewicht?

Het vierschansentoernooi is weer begonnen, met Garmisch-Partenkirchen als vaste tv-prik op Nederlands nieuwjaarsdag. Achter de heroïek van ruim 100 meter vliegen, gaat vaak een wereld van eetstoornissen schuil. 

Als de aërodynamische pakken uitgaan, blijven maar hele kleine beetjes mens over. Het adagium in het schansspringen luidt: 'licht vliegt verder'. Niet iedereen duldt de terreur van de weegschaal. Kort geleden schorste de Duitse skibond DSV de talentvolle schansspringer Frank Löffler, lid van de nationale ploeg. De 1,87 meter lange Löffler werd door de bondscoach met zijn 73 kilo te zwaar bevonden. Hij moest naar de 68, maar weigerde. 

Een getergde Löffler hing daarop de vuile was buiten en klaagde de vermageringszucht onder atleten aan. In een interview met het Duitse Blad Der Spiegel noemde hij het schansspringen 'Kampfwiegen', wedstrijdwegen. 

Menig schansspringer eet volgens Löffler zo weinig, dat de dreiging van anorexia reëel is. "Het is een taboe, niemand spreekt er over. Maar is het normaal dat een volwassen man 's ochtends de melk op de cornflakes verdunt met water? En dat hij 's avonds een knäckebrödje eet met een beetje honing?" 

Tijdens een trainingskamp van de bond zag Löffler dat Hannawald in de sportschool de gewichten liet vallen, verzwakt als hij was door de geringe hoeveelheid voeding. "En waarom? Sven heeft zoveel talent, die springt even ver met vijf kilo meer." 

Volgens Löffler begon de ellende met de legendarische schansspringer Jens Weissflog, ooit winnaar van, onder meer, het vierschansentoernooi. Weissflog was klein en zeer licht. 

"Hij is tot model voor springers verheven, maar daarbij is uit het oog verloren dat Weissflog een atletisch figuur had en heel gewoon at." 

De sfeer onder de springers is door het vermageren veranderd, vindt Löffler. "Vroeger werd er nog veel gelachen en lol getrapt onder de jongens, nu lopen ze rond als geesten."

Löffler kreeg in de discussie bijval van Christian Schmitt, lid van het Duitse schansspringteam dat op de laatste Spelen in Salt Lake City goud haalde. Hoewel anorexia bij de Duitsers volgens Schmitt niet voorkomt, denkt hij daar bij andere landen wel eens aan.

De Zwitserse schansspringer Christian Moser woog in 1996 met zijn 1,81 meter nog maar 58 kilo en stortte volledig in. Hetzelfde gebeurde dat jaar met zijn landgenoot Stefan Zünd. Maar de discussie over het gewicht van de springers kwam pas goed op gang met de Hannawald-foto's van 1999. 

Sindsdien, grappen schansspingers, is er veel veranderd: geen springer gaat nog in zwembroek op de foto. Hannawald heeft altijd ontkend te zijn doorgeschoten met lijnen. Zijn lichaam, zei hij, wilde in die dagen eenvoudig niet de voeding opnemen die het nodig had. 

Frank Löffler vertelde Der Spiegel iets over de effecten van 'anorexia athletica', hongerzucht onder sporters: "Als ik eens iets meer had gegeten, stopte ik de vinger in mijn keel. Ik was depressief en van seks met mijn vriendin was geen sprake meer."

Christian Schmitt denkt dat veranderingen van de regels het hongeren onder de springers kan stoppen. "Maak voor zwaardere springers de ski's langer, en voor lichtere springers iets korter. Dan haal je het voordeel van het gewicht weg." 

Er klonk weinig enthousiasme over dat idee. Het was legende Weissflog die het hoogstpersoonlijk neer-orakelde: "In het basketbal is de lengte van spelers een belangrijke factor. Daar hangen ze de basket voor kleine spelers toch ook niet lager?"