|
Ook tot Debbie Klijn drong het niet echt door dat Oranje zich bij de top zes van de wereld had gemeld. „Ik kan het nog niet bevatten“, vatte de keepster het gevoel van al haar teamgenoten treffend samen. „Misschien komt dat nog na het WK. Als we thuis eens rustig terugkijken op dit toernooi.“
Misschien pas dan zullen de meiden van bondscoach Sjors Röttger ten volle beseffen dat ze een voor het Nederlandse handbal unieke prestatie hebben geleverd. Dat ze nu verzekerd zijn van de A-status van het
NOC*NSF.
Diane Lamein, met zeven doelpunten topscoorster tegen Duitsland, kwam woorden tekort om haar gevoel van euforie te beschrijven. „Het is als in een mooie droom“, stelde de aanvoerster van het succesvolste team in de Nederlandse handbalgeschiedenis. „Wat er deze twee weken allemaal is gebeurd, is gewoon super. We zijn gedurende het toernooi steeds meer in een soort roes gaan leven, echt heerlijk.“
Die staat van bedwelming had niet tot gevolg dat Oranje niet vooruit te branden was tegen Duitsland, dat zich eigenlijk niet had gekwalificeerd voor het WK, maar profiteerde van de afzegging van Taiwan.
„Ik heb ze vooraf gezegd dat als ze over twintig jaar de boekjes er op naslaan en zien dat ze zesde werden, waar vijfde had gekund, dat ze dan eeuwig spijt zouden
hebben" wist bondscoach Sjors Röttger.
Dat, gevoegd bij de naam van de tegenstander, maakte Oranje in het Ice Palace weer net zo scherp als de voorbije twee weken vaak het geval was. Alleen in de tweede helft kende de ploeg een heel korte inzinking, waarin de Duitse handbalsters tot op één punt naderden (19-18). Maar Nederland bewaarde de rust en de controle en kwam geen moment meer in gevaar: 28-26.
„Natuurlijk gaf het een extra dimensie dat Duitsland de tegenstander was“, vertelde de van oor tot oor stralende Lamein, die net als nog acht ploeggenoten van Oranje haar brood verdient in de Duitse competitie. „Niemand bij ons had er trek in om een halfjaar aan te moeten horen dat we hadden verloren.“
De unieke prestatie van Oranje is vooral een prestatie van het collectief. Van een ideale mix tussen jong talent en routine. Van het feit dat er op moeilijke momenten altijd wel iemand opstond om de ploeg uit het slop te trekken.
|