Roeieres mogen eindelijk aan de Big Mac
29 juli 1996
De Holland Acht heeft zijn woorden waargemaakt. De acht roeiers hielden in de finale de spanning er lang in, maar in de tweede helft van de race werden de Duitsers op een halve bootlengte gevaren: Goud dus. De gehele roeiploeg presteerde overigens naar behoren, met zilver voor de mannen lichte dubbeltwee en brons voor de vrouwen dubbeltwee.
Terwijl Ronald Florijn zich verwondert dat de Duitsers nog zo dicht in de buurt wisten te blijven en Nico Rienks spreekt van een "logisch resultaat" prijst Niels van Steenis zich gelukkig dat hij ditmaal niet heeft hoeven overgeven. De favorietenrol ging hem eerder in de week zo slecht af dat hij pal voor een wedstrijd z'n maaginhoud in de badkuip van de hotelkamer kieperde. "Daarom heb ik vandaag helemaal niets gegeten. Volgens de dokter kon het geen kwaad en mij gaf het in ieder geval een iets rustiger gevoel." Collega Florijn niet. "Ik zag dat bij het ontbijt het bord van Niels leeg bleef en begon hem toen even een beetje te knijpen. Er zijn op dit water immers meer favorieten gesneuveld."
Rienks: "Dat de Duitsers halverwege nog naast ons lagen, verbaasde me, maar ik ben er niet door gaan twijfelen."
Achter hem had Van Steenis geheel andere gedachten. "Om de zenuwen in bedwang te houden zat ik constant alleen met brons in m'n hoofd. Niels van Steenis die goud wint, dat is het Achtste Wereldwonder." Hij kwam er in '93 bij, nadat hij vergeefs had geprobeerd om de Spelen van Barcelona te halen. Na dat rampseizoen gaf hij zichzelf nog één jaar om zich te bewijzen. Dat geduld brengt hem op deze druilerige julidag de hoogste eer. "Ik ben de enige die buiten deze boot weinig heeft gepresteerd. Vind je het dan gek dat ik niet zo hoog van de toren blaas?"
Dat doet Pepijn Aardewijn doorgaans wel. Sterke jongen, maar ook een lastig baasje. Lang hebben de keuzeheren van de roeibond getwijfeld wie achter de student in de medische biologie in de dubbel-twee moest stappen. Tot ergernis van Aardewijn, die liever veel eerder met z'n voormalig huisgenoot Maarten van der Linden was herenigd. "Ik kreeg constant een andere roeier achter me in de boot en zag daardoor de achterstand op de concurrentie groter worden. Toch heb ik m'n mond gehouden over die procedure. Vond ik verstandiger. Maarten dacht er anders over. Hij heeft mij die houding wel kwalijk genomen."
't Is dus alsnog allemaal goed gekomen met die twee. Aardewijn: "Als iemand bij mij in de boot stapt, moet hij m'n vriend zijn. Ook Maarten kan lastig zijn, vooral als hij verliest. Zo'n man heb ik nodig, hoewel ik in de voorbereiding ook wel eens heb gedacht: val dood, ik ga terug naar de skiff." Op het persoonlijke vlak klikte het, samen hebben ze ook voldoende vermogen, maar mentaal haperde er vaak iets aan het duo. De hulp van sportpsycholoog Jan Huibers bracht verbetering. Aardewijn: "Vooral als we zenuwachtig waren. Huibers geeft rust en hij komt gelukkig niet met van die Ratelband-flauwekul."
Zorg voor coach Jan Klerks (de man achter de gouden race van Rienks/Florijn in Seoel) was ook het gewicht van Pepijn Aardewijn. In de winter brengt hij ruim 80 kilo op de schaal, tijdens het roeiseizoen mag hij maximaal 72,5 kilo wegen. "Zelfs dieet-experts begrijpen niet hoe die jongen afvalt. Met laxeertabletten en veel vochtverlies. Precies weet ik het niet. Ik wíl het niet eens weten, want daar word ík nou zenuwachtig van."
's Avonds, tijdens hun eigen feestje in de tuin van hotel Lanier Center, kunnen de roeiers hun lijn even vergeten en mag ook de stuurman van de Acht aan de hamburger. Maanden heeft Jeroen Duyster moeten vasten om 50 kilo te blijven, maar aan de rand van het zwembad is er eindelijk ruimte voor een Big Mac en andere geneugten van het leven.
26-06-2008 | Bron: Telegraaf.nl |